Pensioen opbouwen als zzp'er: 4 routes vergeleken
- Route 1, de lijfrente, is voor de meeste zzp'ers de logische kern: aftrekbaar én buiten box 3
- De oude FOR bestaat niet meer voor nieuwe opbouw — een bestaande reserve moet je nog wél afwikkelen
- Dankzij de verruimde jaarruimte (30% van je premiegrondslag) kun je meer kwijt dan de meeste zzp'ers denken
Route 1: lijfrente (banksparen of beleggen)
Je opent een geblokkeerde lijfrenterekening bij een bank of vermogensbeheerder en stort daar — eenmalig of maandelijks — geld op. Binnen je jaarruimte is elke euro aftrekbaar van je winst, en het tegoed telt niet mee in box 3. Binnen de rekening kies je zelf tussen sparen (zeker) en beleggen (rendementskans). Nadeel: het geld staat in principe vast tot je AOW-leeftijd; eerder opnemen kost belasting plus 20% revisierente. Voor de meeste zzp'ers is dit de kern van de opbouw — flexibel in inleg (goede en magere jaren), maximaal fiscaal voordeel.
Route 2: vrijwillig voortzetten bij je oude fonds
Kom je uit loondienst, dan mag je de pensioenregeling van je oude werkgever vaak tot tien jaar vrijwillig voortzetten. Je betaalt dan zelf de volledige premie (werkgevers- én werknemersdeel — schrik niet van het bedrag). Voordeel: je houdt de fondsvoordelen zoals partnerpensioen en soms arbeidsongeschiktheidsdekking. In sommige sectoren (bijvoorbeeld schilders en de bouw) is deelname aan het bedrijfstakfonds als zelfstandige zelfs verplicht — check dat vóór je iets anders regelt.
Route 3: vrij beleggen of sparen in box 3
Gewoon een beleggingsrekening zonder pensioenklem. Geen aftrek en jaarlijks box 3-heffing boven het heffingsvrij vermogen, maar wél volledige vrijheid: je kunt er altijd bij. Dat is precies het voordeel én het gevaar — geld waar je bij kunt, wordt in magere jaren aangesproken. Werkt goed als schil náást een lijfrente, of als je vóór je AOW-leeftijd wilt kunnen stoppen met werken.
Route 4: de oude FOR — alleen nog afwikkelen
De fiscale oudedagsreserve (FOR) — jarenlang dé zzp-route — is per 2023 afgeschaft voor nieuwe opbouw. Heb je nog een oude FOR op de balans staan, dan is dat uitgesteld belaste winst, geen echt pensioenpotje. Slimme zet: de reserve (gefaseerd) omzetten in een lijfrente, zodat er alsnog écht geld voor later klaarstaat in plaats van een papieren reserve.
Hoeveel moet je eigenlijk inleggen?
Het echte antwoord rekent terug vanaf je doel: welk maandinkomen wil je vanaf je 68e, wat doen AOW en eventuele oude werkgeverspotjes al, en welk gat blijft er over? Begin je laat, dan biedt de reserveringsruimte tot tien jaar inhaalruimte.
De valkuilen
- Wachten op een "beter jaar" — tien jaar later beginnen betekent grofweg het dubbele maandbedrag voor hetzelfde resultaat.
- Je bedrijf ís je pensioen — soms waar, vaak wishful thinking. Reken met een realistische verkoopwaarde, niet met de hoop.
- Alleen naar rendement kijken — ook arbeidsongeschiktheid en het inkomen van je partner horen in het plan.
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Voor advies over jouw situatie plan je een gratis gesprek met een adviseur.