Reserveringsruimte: tot 10 jaar fiscaal inhalen
- Reserveringsruimte = niet-gebruikte jaarruimte van de afgelopen 10 jaar
- Maximum in 2026: € 42.753 — bovenop je gewone jaarruimte
- De inleg is aftrekbaar van je inkomstenbelasting: 37 tot 49,5 cent per euro terug
Wat is reserveringsruimte precies?
Elk jaar mag je een bedrag fiscaal voordelig in een lijfrente storten: je jaarruimte. Gebruik je die ruimte niet (helemaal), dan schuift het restant door. Alle ongebruikte jaarruimte van de afgelopen tien kalenderjaren samen heet je reserveringsruimte. Sinds de Wet toekomst pensioenen (2023) is die regeling flink verruimd: eerder keek de Belastingdienst maar zeven jaar terug en gold een veel lager maximum.
In 2026 is de reserveringsruimte maximaal € 42.753. Dat staat los van je gewone jaarruimte van dit jaar (maximaal € 35.589) — in een goed jaar kun je dus tienduizenden euro's fiscaal voordelig wegzetten.
Voor wie is dit interessant?
Vooral voor iedereen die laat begon met opbouwen: zzp'ers die de eerste jaren alle winst in hun bedrijf staken, werknemers die na een paar magere jaren een inkomenssprong maakten, en ondernemers die hun bedrijf (deels) verkochten en het geld nu goed willen wegzetten. Ook wie een ontslagvergoeding of erfenis ontving, gebruikt de reserveringsruimte vaak om in één keer een flink pensioenbedrag op te bouwen mét belastingvoordeel.
Rekenvoorbeeld
Bas hoeft het niet in één keer te doen: hij mag de inhaalslag ook over meerdere jaren spreiden. Slim spreiden loont zelfs — valt je inkomen volgend jaar in het toptarief (49,5%), dan levert elke ingelegde euro dáár meer aftrek op.
Zo benut je je reserveringsruimte
- Verzamel je oude gegevens — je inkomen en factor A per jaar (jaaropgaven, aangiftes, UPO's). Ontbreekt er iets, dan vragen we het samen op.
- Bereken de ruimte per jaar — de jaarruimteformule van dat betreffende jaar geldt, dus dit is rekenwerk dat je maar beter goed kunt doen.
- Stort in een lijfrente — banksparen of beleggen, bij de aanbieder die uit onze vergelijking van 40+ partijen komt.
- Trek de inleg af in je aangifte. Het voordeel krijg je bij de eerstvolgende aanslag terug.
Waar je op moet letten
De Belastingdienst gebruikt de volgorde: eerst je jaarruimte van dit jaar, dan de oudste reserveringsruimte. Stort je méér dan je totale ruimte, dan is dat deel niet aftrekbaar terwijl de uitkering later wél belast wordt — dubbele belasting dus. En bedenk: lijfrentegeld staat in principe vast tot je AOW-leeftijd. Houd daarom altijd een vrij opneembare buffer naast je lijfrente aan.
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Voor advies over jouw situatie plan je een gratis gesprek met een adviseur.